Posts tonen met het label Spanje. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Spanje. Alle posts tonen

Coast2Coast

Het is onze derde Coast-2-Coast deze reis, na Buenos Aires - Santiago en Perth - Sydney. Maar toegegeven, dit is de eerste waar we ons serieus voor hebben moeten inspannen. Van Bilbao naar Barcelona - dwars over de Pyreneeën - is zonder twijfel een van de mooiste trajecten die we hier kunnen fietsen. En hoog. En warm. En inspannend. Na de Marie-Blanque komt de Aubisque, dan de Tourmalet, en de Aspin, en de Peyresourde. En dan laten we de venijnige kleintjes voor het gemak maar even weg. Terugkijkend was het vooral voor Maartje een onwerkelijk avontuur. Wie weet dat Maartje nooit een fiets met versnellingen had vóór deze reis begrijpt waarom. Voor Sander lag het wel wat meer in de lijn. Maar het was zonder meer avontuurlijk; inclusief stortbuien, onweer en lekke banden. En ook: stralende zon, waanzinnige afdalingen, groeiende kuiten, aangesterkte lijven en veel - heel veel - lekker eten onderweg.

Op de dag van de Tourmalet hebben we een camera - gelukkig waterdicht zoals je zult zien - aan Sanders helm getapet. Kijk hier via YouTube voor de bewegende beelden en een indruk van hoe het was; twee bepakte recreanten over de klassieke cols.

 En toen? Toen was het eigenlijk wel een beetje klaar met het prestatiegerichte fietsen. Met als excuus dat we geen uitdaging meer zagen in nieuwe cols - been there, done that - en vooral een sterke behoefte om ook eens wat vaker naast de fiets te staan. Inmiddels was voor ons duidelijk dat we ons het meest op onze plek voelen in het Spaanse deel van de Pyreneeën. En dus hebben we onszelf getrakteerd op een stukje treinen (de fietsvriendelijke TER). Even verderop - 100% colvrij – fietste we het heerlijke Spaanse grensdorpje Puigcerda in.

In Hostal Alfonso ontvangt de 82-jarige Alfonso ons alsof we net een wereldreis gemaakt hebben. Ook hier - net als in Baskenland - leeft alles aan de Spaanse kant van de grens letterlijk op. Waar de Franse dorpjes sterk leunen op het toerisme, bieden de Spanjaarden volop tegenwicht op hun eigen pleinen en terrassen. Lokale gezelligheid; alleen al daarom voelt het beter. En dan nog het eten. De Spaanse kant brengt ons bovendien het meest terug naar Zuid-Amerika, waar mooie herinneringen liggen aan de eerste maanden van onze reis.

Na bijtanken in Puigcerda reizen we - eerst even met de fiets in het laadruim van de bus, omdat we niet door de toltunnel mogen fietsen - door naar Parc Natural del Cadi-Moixéro. Een toch weer lange klim in de avonduren brengt ons in Saldes, aan de voet van de Pedraforca. Hier zetten we voor drie nachten onze tent op. Van actieve trektochten door het Parc Natural is weinig gekomen; wel van uitslapen en naborrelen - met andere campinggasten en met fantastisch uitzicht op de ondergaande zon achter de Pedraforca.

Daarna rollen we de bergen uit. Hoewel, rollen? Op een dag die hoofdzakelijk daalt over een afstand van honderd kilometer, klimmen we alles bij elkaar toch weer bijna 1.100 meter. Uiteindelijk koersen we - via een nachtje Manresa - aan op Montserrat. Vlakbij dit beroemde klooster op de berg ligt een kleine klimmerscamping. Samen met een Poolse vader en zoon zijn we de enigen op deze camping op de rots. Dit laatste nachtje kamperen voor Barcelona levert ons uiteindelijk de meest intense stort- en onweersbui van de afgelopen maanden op. Nu - een kleine week en veel zonuren later - is alles wel weer droog.

En zo zijn we aangeland in Barcelona; aan die andere kust. Voor ons allebei niet nieuw, maar wel een bewuste keus om even te zijn. Vanuit een appartementje aan de rand van Parc Güell bestrijken we de stad. En eens te meer merken we hoe fantastisch het dan is om je eigen fiets bij je te hebben; die is hiervoor gemaakt. Sander schrijft hier een blog over voor verkeerskunde.nl. Oh ja, voor de toekomstige Barcelona-gangers, wij tippen de wijk Gracia. Misschien wat uit de richting, maar niets minder dan het beste Spaanse leven.

Ook komt hier in Barcelona onze vermoeidheid lekker los. We rekenen erop dat dat betekent dat we lekker slapen vannacht; op de boot naar Sardinië.

Beestenweer op de Tourmalet (klik hier voor meer foto's)
Voor de fietsfanaten: zie hier onze fietsstatistieken door de Pyreneeën.

Onze route van Bilbao naar Barcelona!

Trekkers en sportwagens

Jawel, deze blog gaat nog steeds over fietsen; al doet de titel anders vermoeden. Hoewel, veel fietsen met zes tassen - twee voor, twee achter, een stuurtas en een tentzak achterop - zien we niet. In de Pyreneeën - omgeven door wielrenners - voelen we ons net twee landbouwtrekkers tussen de Porches en cabriootjes. Eindeloos veel wielrenners komen hier bij elkaar om de klassieke cols te fietsen. En wij? Nou, min of meer. Als je wilt fietsen van Irun aan de Atlantische kust naar Barcelona aan de Middellandse Zee, kom je er sowieso een paar tegen.

Met een beetje jatwerk op internet en een boekje van een Spanjaard - die op zijn racefietsje in 13 dagen de Pyreneeën heen en weer ‘deed’ - hebben we een eigen route uitgezet op de kaart. Die route is goed voor meer dan alleen fietsen. Zo willen we tenminste twee nationale parken aandoen om lekker neer te ploffen en bergen op en af te lopen in plaats van te fietsen. Maar terug naar de trekkers en sportwagens. Aan de steile kant van de col de Marie Blanque - met gemiddelde stijgingspercentages per kilometer tot dertien procent - bleek maar weer eens dat we lekker bepakt zijn voor deze regio. Wielrenners vliegen ons links en rechts voorbij. Maar ondanks ons overgewicht horen we er wel bij. Sterker nog, we krijgen heel veel sympathieke duimen, korte hijgende praatjes en bovenop zelfs gepast applaus. Ondertussen ontdekken we - bezigheidstherapie bergop - dat Sanders gewicht met fiets en bagage feilloos overeenkomt met Thomas Voeckler die zijn vrouw achterop de bagagedrager mee omhoog moet torsen. En Maartje? Zij trapt het gewicht van Fabian Cancellara - de beer van Bern - omhoog op een elektrische fiets met twee accu’s. En dat zonder trapondersteuning natuurlijk. Allemaal interessante bespiegelingen om onze ego’s net voldoende op te blazen zodat we de berg opkomen. Stoer? Jawel, maar ook nodig dus. Want na de Marie Blanque komt de Aubisque, en dan de Tourmalet, en de Aspin, en de Peyresourde. Zou dat allemaal letterlijk te hoog gegrepen zijn, dan rest ons niets anders dan na de Aubisque linksaf naar Lourdes. Direct onze benen (en ego’s) laten nabehandelen met het lokale, gezegende bronwater.

Maar je begrijpt het al, deze inleiding is niet zo lang om te kunnen melden dat we naar Lourdes gaan. Na die pittige Marie Blanque begonnen we te geloven dat we niet alleen maar naïef zijn. En halverwege was het wel duidelijk: dit lukt. In een kleine drie uur klommen we aan de westkant de Aubisque omhoog. Daar boven aankomen geeft dat euforische gevoel waar weinig drugs tegenop kunnen. Bijkomen, foto’s maken, eten, drinken en dan - warmer aangekleed en geconcentreerd - mogen beginnen aan een prachtige lange afdaling; met nog een kleine hik tussendoor voor de col du Soulor. Met de beklimming van de Aubisque hebben we allebei het vertrouwen dat die anderen ook wel gaan lukken. Bovendien gaan we nu over van de Pyrenees Atlantique naar de Haute Pyrenees. Het landschap verandert precies in waar we nu even zijn willen. Niets mis met rustig aan. Lekker op de trekker.

 En nu? Nu zijn we in Gavarnie, aan de rand van Parc National d’Ordesa. Vanuit Gavarnie hebben we misschien wel het mooiste uitzicht van dit deel van de Pyreneeën. Vanuit de tent kijken we uit op het Cirque du Gavarnie. Het is hier nu volop zomer, dus de afgelopen dagen waren perfect om onze benen even stil te houden. Die platte rust is bovendien goed om - zeker na vorige week - bezig te zijn met onze eigen emoties en die van de mensen om ons heen. Een berg beklimmen werkt echt wel ontspannend, maar maakt vooral ons hoofd leeg. In rust komen we toe aan alles wat er gebeurt. En zelfs om zo af en toe al eens terug te kijken op het afgelopen jaar. Of om concreet bezig te zijn met onze toekomst; solliciteren bijvoorbeeld…

Morgen gaan we wel weer onderweg, want er is regen en onweer op komst. Dan vliegen we dit hoog gelegen dal uit om vervolgens aan de col de Tourmalet te beginnen. Onderweg naar de Spaanse kant van de Pyreneeën, die ons het meeste geeft van het gevoel waar we op dit moment lekker bij gedijen. Sander heeft daar iets meer over geschreven op zijn blog: ‘A gentle Basque spirit - or - how little we know’.
Route uitstippelen! (klik hier voor meer foto's)
 En oh ja, mocht je er nu zelf ook in gaan geloven of fietsambities hebben, wij hebben veel voor- en napret van de colprofielen op www.climbbybike.com, zoals deze van de Aubisque.

Rij 4 op 5

Niet zoveel van jullie zullen bekend zijn met de campagne van de Fietsersbond. ‘Rij 2 op 5’. Wat die beoogt te doen is ons aanmoedigen om - twee op de vijf van onze werkdagen - met de fiets naar het werk te gaan. Oké, voor ons zijn dat nu nog even geen werkdagen; de reis gaat nog steeds boven de bestemming. En dan vinden we twee op vijf ook nog wel een beetje karig. Maar vier op vijf daarentegen… precies goed. Vier dagen de nadruk op fietsen en dan - tenminste - één dag de nadruk op iets heel anders. Die tenminste één dag maakt de fietsdagen toch wel serieus aantrekkelijker. Bovendien werkt het goed om te voorkomen dat fietsen weer een doel op zich wordt. En zo zijn we - nog net niet voor we er zelf erg in hadden - aan het eind van ons eerste traject aangekomen: San Sebastian in Spaans Baskenland.

Wat begon met een valse NS-start tussen Dordrecht en Lage Zwaluwe ging verder vanaf pakweg de Belgisch-Franse grens tot waar we nu zijn. Dat zijn 1.330 fietskilometers in ruim 80 fietsuren verspreid over 22 fietsdagen. En ongemerkt betekent dat ook al een Mount Everest aan stijg- en daalmeters. Voor de fietsfanaten of anderszins statistiekliefhebbers: bekijk hier onze fietsstatistieken. En voor de volledigheid: hierbij onze route in Frankrijk op de kaart!

Voor meer routekaarten: klik hier
Maar statistieken vertellen natuurlijk hooguit de helft - of het gemiddelde - van het verhaal. En dat terwijl Frankrijk heel afwisselend is geweest. De Medoc en Les Landes waren misschien wat vlakke en saaie uitsmijters, maar ‘a-la’. Ondertussen hebben we de Fransen aanzienlijk beter leren kennen en zijn we bijna helemaal thuis in de ongeschreven regels van het vakantiefietsen. Zo kun je zwaaien naar alle fietsers, maar praten komt er alleen maar van met andere vakantiefietsers (of een incidentele communicatieve wielrenner). Fietsen op ‘de witte en de gele wegen’ gaat prima, maar zo gauw je op de rode komt wordt het toch echt het met hand en tand verdedigde domein van de Franse automobilist. En als er dan ook nog een fietspad in de buurt is - ongeacht de kwaliteit of de staat van onderhoud - reken dan op genoeg weinig subtiele automobilisten die je dat haarfijn duidelijk maken. Die beheersen zonder twijfel de kunst van het ongevraagd adviseren. En oh ja – zodat je het weet - toeteren als automobilist en laat staan vrachtwagenchauffeur is echt niet leuk. Ook als het is bedoeld om moed in te toeteren; doe maar niet. De fietshelm - die hebben we inmiddels allebei - is er zeker ook om je te beschermen tegen de automobilist die graag een punt wil maken. Desondanks - en dankzij onze brede schouders en fietsglimlach - zijn we nog helemaal ongeschonden uit deze kleine strubbelingen gekomen. Een verhaal op zich zijn de Franse bruggen; col-hoogten met veel Atlantische zijwind. Elke keer is het weer een mooi avontuur op de halve meter fietsstrook langs de rode tweestrooks D-wegen. En hartverwarmend is de regelmatige en vriendelijke ‘bon courage’ die we toegeworpen krijgen; hoewel dat meestal berg in zicht betekent…

Spanje is gelijk weer anders dan Frankrijk. In veel opzichten. Om te beginnen vliegen de hoogtemeters ons direct om de oren. Maar daarnaast worden we niet alleen vriendelijk bekeken, maar vooral gelijk vriendelijk aangesproken. Met vragen over wie we zijn, van waar naar waar we fietsen, hoeveel per dag en ga zo maar door voelen we ons meteen weer meer op reis. En dat wordt versterkt door het Spaans en het eigenwijze karakter van het Baskenland. We vallen middenin de traditionele fiestas del pueblo (dorpsfeesten) en doen ons tegoed aan het geweldige Baskische eten. San Sebastian heeft het zelfvertrouwen - volgens kenners niet ongegrond - om zich tot culinaire hoofdstad van de wereld uit te roepen. Voor ons zijn dat vooral de geweldige Pintxos; Tapas maar dan anders. De bar staat afgeladen vol met hapjes, je pakt de avond door wat je hebben wilt en aan het eind van de rit weet de barman je op onnavolgbare wijze precies te vertellen wat je gegeten en gedronken hebt. Zelfs tijdens Spanje - Italië, in een afgeladen bar, ging dit zesde zintuig eetsysteem niet onderuit. San Sebastian voelt als een gepaste beloning voor ruim drie weken fietsen. En dus maken we er hier even een Baskische vakantie van. Met de stemming van de Spanjaarden zit het na de 4-0 overwinning tegen Italië ondertussen wel goed.

Verder komt het vakantieseizoen nu echt los; wat voor ons toch echt wel wennen is. Misschien is het hierna wel tijd om wat mooie en rustige stukken Pyreneeën op te zoeken. Maar dat - dwars over de Pyreneeën of toch een beetje zuidelijker door Spanje - gaan we na deze Baskische vakantie wel weer bezien. Eerst even vier op vijf omdraaien.

Onze eerste echte klim! En voor meer moois: klik hier!